
Waar een deel een is, is er steevast ook een tweede deel.
Als ik in in het buitenland ben, vind ik dat ik toch minimum een museum moet bezichtigen.
Als je in Luxemburg bent, is er geen beter dan het museum over de ontstaansgeschiedenis van Luxemburg. Een museum van schone kunsten, of historische kunsten, is bijna overal in Europa nog al gelijklopend, de ontstaansgeschiedenis van de stad, leek me dus net iets interessanter.
Het museum geeft je de ontstaansgeschiedenis van de stad vanaf de 10 eeuw.
Het oudste deel van da geschiedenis wordt vooral weergegeven door maquettes, waarbij er telkens een computer is geplaatst, waarop je kan inzoomen op een bepaald gebouw in de stad. Je krijgt daarbij een vergelijking tussen oud en nieuw.
De nieuwere geschiedenis wordt vooral weergegeven, door bepaalde

gebruiksartikelen, of belangrijke geschiedkundige gebeurtenissen.
In het museum wordt er ook een volledige ruimte gewijd aan de taal Luxemburgs, het is niet zo dat België het kleinste land is met 3 talen, in Luxemburg praat men Duits, Frans en Luxemburgs. Ik blijf het verwarrend vinden, Frans wordt vooral gebruikt bij de overheid, maar de pers zou vooral in het Duits zijn, en of de mensen Luxemburgs praten hangt af van streek tot streek. Het Luxemburgs op zich is een vrij onverstaanbaar taaltje, een mengeling van Duits, Frans, en af en toe zelf eens een Nederlands woord. In de meeste restaurants, winkels en café's praat men ofwel Frans, ofwel Duits, beide nooit beide.
In het museum liep er ook een tijdelijke tentoonstellingen over de scouts. Die tentoonstelling zat net als de rest van het museum heel mooi in een. De tentoonstellingen in het gehele museum zijn heel interactief, wat ze dus stukken interessanter maakt, en op een heel originele manier naar voor gebracht.
Als je ooit in Luxemburg zou zijn, is dit museum een aanrader, ik ben nog nergens anders een vergelijkbaar museum tegen gekomen.

Verder heb ik nog het museum voor moderne kunsten bezocht. Waar Monia, niet steeds een fan is van historische musea, is ze meestal wel te vinden voor een beetje moderne kunst.
Het gebouw waarin het museum zich bevindt, is eigenlijk al meer dan de moeite op zich om te bezoeken. Het museum zelf is net iets groter dan het SMAK. Doordat het dak grotendeels uit glaswerk bestaat, wordt er vooral gebruik gemaakt van natuurlijk licht, wat eens een serieuze verademing is, de kunstwerken worden op die manier tenminste eens weergegeven zoals ze bedoeld waren. Je moet dus niet met je hoofd staan draaien om een juiste inval op een olieschilderij te krijgen. Doordat er vooral gebruik wordt gemaakt van natuurlijk licht, is er natuurlijk wel geen optimaal ruimte gebruik. Vooral bij de permanente tentoonstelling heb je grote ruimtes met weinig kunst.
De permanente tentoonstelling van het museum bestaat vooral uit werken van Glenn Ligon, dit is een Amerikaanse kunstenaar die in zijn werken vooral gebruik maakt van letters. Door de letters in verschillende kleuren weer te geven, op verschillende achtergronden, geven de werken meteen een totaal ander beeld weer. Verder werkt hij vooral met videobeelden en foto's.
De tijdelijke tentoonstelling die nu liep ging over Portugese kunst.

Een van de meest in het oog springende werken van deze tentoonstelling was 'Red indepentent heart' van Joana Vasconcelos. Op zich is dit eigenlijk een vrij afzichtelijk groot rood draaiend hart, op de achtergrond hoor je fadomuziek. Er wordt dus een bepaalde sfeer gecreëerd. Als je dichterbij kijkt, zie je echter dat het volledige hart uit bestek gemaakt is. Of anders gezegd, liefde gaat door de maag. alleszins de kunstenares moet heel veel geduld hebben gehad om dat hart in elkaar te steken.
Het meest opvallende werk van het volledige museum was 'the beanstalk' van Pedro Vale. Zijn werk is eigenlijk gewoon een gigantisch grote bonenstaak, die gebaseerd is op 'Jack and the beansteak'. Je kan er gewoon niet naast kijken, en niet enkel omdat het werk zich in de inkomhal bevindt, maar vooral om dat het zo groot is. De bedoeling van de kunstenaar is, om door het werk, mensen te doen nadenken, niet enkel over het onschuldige, maar ook over dieper liggende en meer schadelijke zaken. Voor mij is hij echter niet echt geslaagd in dat opzet.
Het Mudam in Luxemburg is zeker een bezoekje waard, als je in Luxemburg bent en moderne kunst kan appreciëren. Het is een vrij groot museum, maar de ruimtes worden veelal niet echt nuttig gebruikt, om een bepaalde sfeer en een bepaald licht te creëren. Voor mij staat het zeker een trapje hoger dan een SMAK, maar het kan niet goed op tegen de Koninklijke musea voor schone kunsten (het moderne gedeelte ervan dan toch) in Brussel.